Een subtropische zwartoog lipvis, sepia’s, een botervis of een lampenkapkwal? Duikers kijken hun ogen uit in de Zeeuwse wateren. In Dreischor beklimmen ze met hun zware uitrusting de dijk, koeien ontwijkend, voordat ze het water in gaan. Groôs mocht op een zonnige vrijdagavond mee met instructeur Claudia Brouwer en leerling Jozefien Vink van Duikvereniging SOV Scaldis.

 

Lekker zweven onder water
“Als ik onder water ben, dan komt er een big smile tevoorschijn!” Claudia Brouwer begon in 2006 met duiken en is inmiddels twee jaar instructeur bij Duikvereniging SOV Scaldis. “Het is een heel vriendelijke vereniging. De meeste leden komen uit de buurt en zijn al ruim dertig jaar lid. Ze hebben een goede mentaliteit. Ook ik vind dat je er 100% voor moet gaan in een vereniging. Ik duik minimaal twee à drie keer in de week, ook in de winter.” Vandaag gaat de groep bij Dreischor het water in. Claudia: “Het is hier helder en niet diep. Een leuke stek, het Grevelingen. Je sleept natuurlijk die zware fles mee, maar onder water kun je lekker zweven.”

 

“Wanneer ik de bubbeltjes hoor, dan begint het relaxte gevoel.”

Een compleet andere wereld
Naast Claudia staat Jozefien Vink uit Kapelle. Ze kreeg een jaar geleden het duikvirus te pakken. “Ik had documentaires gezien over duiken en het leek me zo gaaf! Tijdens de zomervakantie heb ik in een driedaagse cursus in Scharendijke mijn brevet gehaald.” Inmiddels is ze niet meer uit het water te slaan. Jozefien: “Wanneer ik de bubbeltjes hoor, dan begint het relaxte gevoel. Het is echt een andere wereld onder water. En iedere keer is het weer een verrassing wat je gaat zien. Blauwe kreeften en zeenaalden bijvoorbeeld. Krabben zie je sowieso veel. Het mooiste vind ik de oesterbodem. Het grappige is dat je door je duikbril alles tien procent groter meemaakt. Soms denk ik, woooow, dit is echt groot, maar dan blijkt die zeester eigenlijk best normaal te zijn.”

Weer of geen weer, het duiken gaat door
Althans, meestal. Claudia: “Ik heb deze week al drie keer niet kunnen duiken door het onweer. De hele dag ben ik bezig met het weer. Als je eenmaal in het water bent, dan weet je niet wat er boven je gebeurt en dan moet je er óók nog eens uit. Dat risico wil je niet nemen. Als het alleen regent, gaat het duiken gewoon door. Verder zijn we afhankelijk van de wind wat soms voor slecht zicht kan zorgen. Natuurlijk kun je dan dieper duiken voor helder water, maar het moet wel leuk blijven natuurlijk.” Vandaag heeft Claudia een natpak aan. Dat betekent dat ze alleen een zwempak onder haar duikoutfit draagt. “Nu al spijt van! Ik dacht dat het 30 graden zou worden, maar ik sta hier te bibberen! Ik duik ook liever in een droogpak waar ik een broek en een shirt onder draag, zodat ik niet nat word en lekker warm blijf.”

 

“De oesterbodem is bedekt met zeewier en kleurt wit en groen met paars en rood.”

Met je buddy het water in
En dan is het zover. We rijden door naar een andere duikstek, een klein stukje verderop bij het gemaal. Als het gemaal pompt is het water bruin en gaan ze ergens anders duiken. Vandaag is dat niet het geval en is het prachtig helder. Jozefien: “Ik hoop kreeften te zien en dat de zon op het gemaal schijnt. Wist je dat hier grote betonballen liggen die heel mooi zijn begroeid? De oesterbodem is bedekt met zeewier en kleurt wit en groen met paars en rood.” Op de parkeerplaats worden de buddy’s bekendgemaakt. Jozefien: “Je mag nooit alleen naar beneden en iedere keer heb je een andere buddy.” Ook krijgen ze een briefing bij het water: waar moeten ze vandaag op letten, waar liggen fuiken en wat wordt de route? Daarna trekken de duikers de uitrusting aan en maken ze alles in orde. Als alles klopt, en na een dubbelcheck van je buddy voor de veiligheid, kun je gaan.

 

Een echte duikstek
Er wordt nog even tandpasta op een duikbril gewreven, zodat deze onder water niet beslaat. Claudia grapt: “Krijg je lekker frisse ogen van.” Bepakt en bezakt gaan de duikers opnieuw de trap bij de dijk op. Het loopt niet makkelijk, de uitrusting is zwaar. Of we kunnen helpen? Jozefien: “Nee hoor, hier word ik sterk van.” Eenmaal beneden roept iemand: “Dit is nou een echte duikstek, geen leuningen! Die andere is voor luxepaarden.” Zijn buddy vult aan: “Ik ben toch jouw leuning!” Aan een touw houden ze zich vast en lopen voorzichtig het water in. Claudia kijkt toe voordat zij en haar buddy als laatste volgen. “Als je hier kan duiken, dan kan je dat overal. Als we vier of vijf meter zicht hebben, is dat echt een geluk. In het buitenland heb je warm water en kan je meters voor je kijken.” Jozefien zou graag duiken bij Bonaire, Curaçao en de Malediven. “Maar dat is nogal ver rijden hè? Gelukkig kan het hier in Zeeland elk weekend!”

Speuren naar dieren en planten

Terug op het land staat niet alleen Claudia met een big smile, Jozefien vertelt honderduit over haar duik. “Er waren zwermen garnalen in het begin. Ook zag ik een grote zeenaald. Het leek een takje, maar dat zwom ineens weg. Beneden op acht meter diepte was het best donker. We zochten met onze zaklamp naar dieren en plantjes. Gelukkig tikte m’n buddy me op tijd aan, want ik had eerst niet helemaal door dat we al bij het gemaal waren. Ineens ben je er, ik stootte bijna m’n hoofd. Met de zon erop zag het er heel gaaf uit.”

 

Jozefien trekt haar schoenen uit. “Kijk, een litertje water.”

Verslaafd aan duiken
“Niet te doen, dat uitkleden. Zet dat maar in de reportage!” Claudia trekt met moeite haar pak uit bij de auto. Ook Jozefien staat te puffen na haar twaalfde duik. “Ik ben niet doodop hoor, maar straks in bed lig ik wel heel lekker!” Ze trekt haar schoenen uit. “Kijk, een litertje water.” Ze hebben een uur gedoken, maar zijn veel langer bezig. “Klopt, je bent je hele avond kwijt. Eerst de voorbereiding en straks thuis moet je alles nog schoonmaken.” Maar, het is het allemaal waard. Jozefien vertelt verder: “De eerste keer duiken kan ik me nog goed herinneren. M’n ogen werden wel twee keer zo groot. Dat het zó ontzettend mooi kon zijn, dat had ik niet verwacht. Vanboven zie je gewoon dat groenbruine water. Ik kan niet wachten tot volgende week!” Op de parkeerplaats wordt onder het genot van koffie, thee en koeken nog flink wat bijgepraat. Er is – heel bijzonder – een donderpad gespot en een instructeur uit de vereniging duikt dit jaar voor zijn 2.000e keer. Voldaan en met een grote glimlach besluit Claudia: “Ja, sommigen zijn echt verslaafd aan het duiken.”

Tekst Kim van Zweeden
Foto’s Mel van Zweeden
Delen